Ontdek ons boek:
Leven in balans en gewoon gelukkig zijn

Een nieuwe mensbenadering die zichzelf heeft bewezen in onze coaching en trainingen. Een aanrader voor iedereen die een stap wil zetten in bewustzijn en persoonlijke ontwikkeling.

Lees verder
Deel dit artikel

De angst onder je ergernis

"Ergernis is een specifieke vorm van boosheid waarbij geen angst komt kijken.” Dit is geen uitspraak van ons zelf hoor, we zijn het er namelijk niet mee eens.
Het is een uitspraak van een hoogleraar in de sociale psychologie, gelezen in een artikel over ergernis.

Waar we het wel mee eens zijn, is dat ergernis een vorm van boosheid is. Maar onder die boosheid zit wel degelijk angst! Ik kan me voorstellen dat je die angst niet voelt op het moment dat je je kapot ergert aan een situatie of een persoon. Dan voel je vooral irritatie. Maar het is zeker dat ergens onder die irritatie, misschien wel diep onder de oppervlakte, een bepaalde angst verborgen is.

De 3 b’s

Boosheid (en dus ook ergernis) is, zoals wij het zien, één van de drie hoofdemoties. Bang en bedroefd zijn de andere twee. En als we deze drie b’s noemen, is er altijd wel iemand die vraagt naar de vierde b, de b van blijheid. Dat is toch ook een emotie, die hoort er toch ook bij, krijgen we dan te horen. In onze mensbenadering is de b van blijheid geen emotie maar een gevoel. We hebben het dan over een soort van innerlijke blijheid, die er in wezen altijd is. Het is jouw zon die altijd schijnt, tenzij er een wolk voor komt drijven in de vorm van een emotie.

Emoties horen bij je drijfveren – je aangeleerde eigenschappen – en blijheid hoort bij jouw persoonlijke missie, met de bijbehorende aangeboren eigenschappen. Alles wat met jouw missie te maken heeft, geeft je energie en alles wat met jouw drijfveren te maken heeft, kost je energie. Dit om het maar even heel kort samen te vatten.

Ergernis en drijfveren

Om nu weer terug te komen op die ergernis: die komt altijd voort uit je drijfveren. Iedereen heeft zo zijn eigen persoonlijke rijtje met drijfveren (en specifieke uitingen daarvan). Een drijfveer die veel voorkomt, is de ‘behoefte aan erkenning en waardering’.Als je niet van jongs af aan hebt meegekregen dat je er mag zijn zoals je bent (en dat geldt voor het overgrote deel van de mensen), heb je grote kans, dat je kampt met deze drijfveer. Die uit zich bij iedereen op een andere manier. Maar het kan bijvoorbeeld zijn dat je er overgevoelig voor bent als je het gevoel hebt dat je niet serieus genomen wordt. Of dat je steeds opnieuw het idee hebt dat je omgeving niet in staat is om jouw werkelijke talenten te zien.

Als je dan een collega hebt die de gewoonte heeft om voortdurend vol trots te vertellen over haar prestaties of over de complimentjes die zij gekregen heeft, kan het heel goed zijn dat die collega al snel een bron van ergernis voor je wordt. ‘Heb je haar weer hoor, met haar mooie verhalen!’

Of misschien heb je wel een vader die naar jouw idee geen gelegenheid voorbij laat gaan om jou te kleineren of jou het gevoel te geven dat je minder bent dan hij. Ook dat kan een enorme bron van ergernis zijn.

De echte bron van je ergernis

In beide gevallen zul je je waarschijnlijk niet bewust zijn van enige vorm van angst. Op het moment dat je collega of je vader je zo aan het irriteren is, voel je alleen maar ergernis, inderdaad een vorm van boosheid dus. En je hebt misschien de neiging om de collega en je vader als de bron te zien.
Maar als het je zou lukken die collega of die vader los te koppelen van de situatie, en je kijkt naar wat er werkelijk met je gebeurt, wat de werkelijke bron is van jouw ergernis, dan heeft het dus alles te maken met jouw eigen drijfveer.
In dit geval is het je behoefte aan erkenning en waardering, waarin, voor de zoveelste keer, niet wordt voorzien. Je voelt dan wel een bepaalde vorm van boosheid, maar wat er in feite wordt aangeraakt, is jouw oeroude angst om niet gezien te worden en geen erkenning en waardering te krijgen.

Een andere drijfveer die veel voorkomt, is de behoefte aan veiligheid. Een uiting daarvan kan zijn dat je erg gehecht bent aan wetten en regeltjes. Zolang iedereen zich daar netjes aan houdt, voel jij je als het ware veilig. Dan kan het heel goed zijn dat je je dood ergert aan mensen die zich niet aan de regeltjes houden (bijvoorbeeld in het verkeer). Van dat laatste heb ik zelf lang last gehad. Tot ik er een tijdje geleden achter kwam wat nou echt de bron was van die ergernis: mijn oude angst voor zogenaamd onveilige situaties. Niet letterlijk maar figuurlijk onveilig. Want ik was niet bang voor die fietser op de stoep, ik wilde gewoon weten waar ik aan toe was.

Hoewel we dus drie hoofdemoties onderscheiden: bang, boos en bedroefd (ofwel angst, boosheid en verdriet), is er eigenlijk maar één echte oeremotie en dat is angst. Angst zou je kunnen zien als de moeder van alle emoties. Ergens onder je verdriet en ergens onder je boosheid, en dus ook je ergernis, zit altijd een bepaalde vorm van angst.

Belemmerd in het bereiken van je doel

Volgens de hoogleraar in het artikel waar ik het over had, is de belangrijkste oorzaak van ergernis dat je wordt belemmerd in het bereiken van een doel. Je leven zit volgens de hoogleraar vol met grote of kleine doelen en zodra je dus gehinderd wordt in het bereiken van één van die doelen, kan ergernis ontstaan. En ook hier kunnen wij ons slechts ten dele vinden in zijn bewering. Hij heeft het hier namelijk over doelen als boodschappen doen, mensen helpen of een gezin stichten. Bewuste doelen dus, bedacht vanuit je hoofd.

Natuurlijk kun je je (en zul je je waarschijnlijk ook) ergeren als je wordt belemmerd in je streven naar dergelijke bewuste doelen. Maar als je er zo naar kijkt, blijf je wel heel erg aan de oppervlakte. En datzelfde geldt dan dus voor de oplossing. Ja, je kunt gaan relativeren door de situatie realistisch te bekijken. Dan kun je gaan omdenken en vervolgens je doelen bijstellen. Dat werkt misschien een tijdje, maar vroeg of laat steekt diezelfde ergernis weer de kop op. Want de oorzaak zit namelijk niet in het niet bereiken van je bewuste doelen maar in het steeds opnieuw ‘falen’ in je onbewuste doelen.

In de eerder geschetste voorbeelden was je onbewuste doel het verkrijgen van erkenning en waardering of het behouden van je zogenaamde veiligheid.
En dat zijn nog slechts twee van de vele drijfveren die achter jouw eventuele ergernis kunnen zitten. Zo lang die drijfveren onbewust zijn en je dus de angst niet kent die erachter zit, kun je blijven omdenken en relativeren tot je een ons weegt. In wezen ben je alleen maar pleisters aan het plakken. Op zich is daar niets mis mee. Dat kun je prima een leven lang blijven doen.

Maar als je echt bevrijd wilt worden van een steeds terugkerende ergernis, dan is de enige manier op zoek te gaan naar dat onbewuste doel en de angst die daarachter verscholen ligt. Alleen op die manier kun je eindelijk die bron aanpakken.

Onze zelf ontwikkelde mensbenadering en de praktische toepassing voor een leven in balans, hebben we beschreven in ons boek Leven in balans en gewoon gelukkig zijn.

ga terug button